07 maart 2018

Rustaaag!

||
2 Comments

Ik doe in principe niet voor de gezelligheid mee aan wedstrijden. Gezellig zijn, dat doe ik wel tijdens een duurloopje met vrienden of in de kroeg. Tijdens een race moet er geknald worden en ik kan je vertellen, dat is alles behalve gezellig!

Met adrenaline aan de start
Met name als ik een scherp doel heb, zoals het verpulveren van een PR of het winnen van de race, sta ik met aardig wat adrenaline en zenuwen aan de start. Zou het me gaan lukken? Ga ik dat doel halen? Wie zijn m’n concurrenten? Zodra het startschot klinkt, schiet ik weg. Vaak te hard, hoe ik mijn best ook doe om in te houden. Maar ja, ik beland in de slipstream van een paar hazewindhonden voor me en voor ik het weet loop ik de eerste kilometer een halve minuut sneller dan de bedoeling is.

De finish wordt altijd gehaald
Vervolgens loop ik een groot deel van de wedstrijd op mijn max. Zeer ongezellig. Net als bij Cindy, gaat er ook bij mij van alles door mijn hoofd. ‘Loop ik op schema?’, ’Kan ik die dame hebben? ‘, ‘Als ik nou aansluit bij die man voor me…’, ‘Nee, gaat te snel, tandje terug’, ‘Hé hijgert, haal me in óf hou afstand!’, ‘Ik kan niet meer, laat maar zitten’, ‘Volgend jaar ga ik ook het verkeer regelen in plaats van me hier helemaal de tyfus rennen’, ‘Voor wie sloof ik me nou eigenlijk uit? Who cares of ik een minuutje langzamer loop, ik kan gewoon niet meer!’. Regelmatig zou ik het liefst stoppen en in die aantrekkelijke berm neerstorten. Het verbaast me eigenlijk dat ik dit nooit gedaan heb. Hoe zwaar ook, die finish wordt altijd gehaald. Maar om nou te zeggen dat ik er van geniet om in m’n hoogste hartslagzone te rennen… Neu, niet echt! Maar dat gevoel achteraf, als het goed ging en dat doel behaald is, dáár geniet ik dus wel van.

Scherpe tijd
Tijdens een wedstrijd ga ik dus altijd op een scherpe tijd weg en loop ik mezelf regelmatig helemaal naar de PIIIEEEEEEEEP. Ik loop zelden een negative split. Zonde eigenlijk, want dan loop je het allerlekkerst. Ik heb zelden zo fijn gelopen als tijdens de Marathon van Keulen en ook bij de Midwinter Marathon in Apeldoorn afgelopen februari kwam ik stralend over de finish omdat het zo easy ging (het grootste deel van de race dan…). Eigenlijk zou het altijd zo moeten gaan!

De Midwinter Marathon
Die Midwinter Marathon is een van de weinige wedstrijden waar ik wél voor de gezelligheid aan meedoe. Ik had me vooral ingeschreven om weer eens leuk met de mannen van mijn oude loopcluppie Cifla hard te lopen en ik had totaal geen zin om me daar kapot te rennen. Met een gekke afstand als 25km interesseert me de tijd sowieso wat minder, dus wat mij betreft zouden we lekker chill door de mooie Apeldoornse omgeving hobbelen. Nou leek me de opdracht die vriendje Kristian had gekregen van de trainer in eerste instantie wel een beetje té easy, maar no problem, I’m in!

Als een tierelier

Lekker keuvelend gaan we met z’n vieren van start: Kristian, Arnoud, Noortje en ik. Een en al gezelligheid, precies zoals ik het in gedachten had. Het is veel heuvelop en het redelijk relaxte tempo bevalt me wel. Na 10km versnellen we. Ook dat gaat als een tierelier. Genieten dus! Alles gaat geweldig, TOTDAT… we na 16km een troosteloos lange saaie weg op draaien, een berg over moeten en dikke wind voor de kiezen krijgen. Opeens heb ik het zwaar en zie ik het niet meer zitten om in het huidige tempo die heuvel over te rennen. Noortje is 500m eerder gelost en eigenlijk lijkt het mij ook een heel goed idee om rustiger verder te gaan. Ik ben hier ten slotte voor de gezelligheid! Ik denk er een minuutje over na en daar is ie: ‘mannen, ik ga eraf’.

Even doorbijten
Ik had dus al helemaal mooi bedacht om relaxed verder te gaan en van de natuur te genieten, maar dat ging even mooi niet door. Arnoud accepteert het niet en belooft me dat die heuvel niet zo lang meer duurt en dat we daarna naar beneden gaan. Okeeeeeej, pffff… Ik kruip achter Kristian en staar als een dooie naar het logo op zijn rug. Even doorbijten! En jawel, ik red het tot over de heuvel. En opeens komt mijn kracht terug, samen met dat goede gevoel van de eerste 16km.  Ik loop weer als een jonge hinde en kan weer grapjes maken. (Niet onbelangrijk tijdens zo’n ‘gezellige’ wedstrijd).

Concurrentie in zicht!

In de laatste 5km krijgen we opeens nog een leuk doel: twee dames in zicht en die moet ik natuurlijk pakken J Iets waar de mannen ook maar al te veel van genieten. Zij hazen me richting de eerste dame en bij het inhalen zwiert Arnoud in een soort van pirouetjes over het asfalt. In de laatste paar honderd meter weet ik de tweede ook te pakken en met een big smile finish ik als 7e vrouw. HEUJ!

Energie verdelen
Zo kan het dus ook! Rustig beginnen, waardoor je je energie goed verdeelt, lekker loopt en uiteindelijk nog met een prima tijd eindigt ook. Ik denk dat als ik deze race echt als een wedstrijd had gezien, ik misschien nog wel langzamer was geweest. Dan had ik waarschijnlijk bij de eerste klim al met de tong op m’n schoenen gelopen en was ik bij die winderige weg huilend in de berm gaan liggen.

Hmnzz… misschien moet ik hier wat mee. Vooral bij de lange afstanden. Ik kan niks beloven, maar ik ga deze tactiek vaker proberen toe te passen J Misschien aanstaande zondag al wel, bij de 10km van de CPC in Den Haag. Ik ga er even over nadenken…

2 Responses

  1. Christine

    Leuke blog! Motiveert enorm en krijg weer zin om wedstrijden te gaan lopen! Keep on posting please 😉

Leave a Reply