22 december 2017

Sportmedisch onderzoek: meten is weten!

||
2 Comments

Al jaren wilde ik het een keer doen: een sportmedisch onderzoek. Ik voel me kiplekker en heb eigenlijk nooit gezondheidsklachten, maar toch interessant om wat cijfertjes te weten…

Niet doen!
Eigenlijk stond dit onderzoek al in september gepland. Twee weken voor mijn marathon. Hét moment dat ik in vorm was en voor een verbluffende score kon gaan. En toen zij papa Nikki: NIET doen! Het PR dat ik drie weken eerder op de halve marathon liep, werd al niet echt gewaardeerd door deze meneer die best wel heul veel verstand van hardlopen heeft. Als ik me 13 dagen voor Chicago ook nog even helemaal naar de getver zou lopen tijdens een maximaaltest, kon ik een topprestatie op die marathon wel op m’n buik schrijven. Zo gehoorzaam als ik ben, zei ik m’n afspraak af.

Sportmedisch onderzoek
Drie maanden en een paar kilo en later was het dan toch eindelijk zover. Maandag werd ik van alle kanten gemeten, gewogen, geprikt en beluisterd. Conclusie: ik groei blijkbaar nog steeds (zowel in de lengte als in de breedte), heb een prachtige bloedsuikerspiegel, een VO2max van 47,5 en mijn hart kan niet sneller kloppen dan 172 slagen per minuut.

Sportmedisch onderzoek
Natuurlijk is het fijn om de bevestiging te krijgen dat ik echt gezond ben – zeker met een familie waarin hartproblemen voorkomen – maar waar ik het meest benieuwd naar was, was toch wel die maximaaltest. Ik heb nooit op hartslag getraind en die zones waar iedereen altijd mee bezig is, daar had ik geen idee van. Tot afgelopen zomer, toen diezelfde strenge meneer als die mij de test afraadde, me op een heuveltje in Nijmegen ontzettend liet uitsloven om mijn hartslag tot het uiterste te drijven. Ik was toch wel benieuwd in hoeverre de uitkomst nou écht klopte. Ik kan je vertellen: exact!

Maximaaltest
Hoe zo’n maximaaltest dan gaat? Je krijgt een masker op om het zuurstof te meten, plakkertjes (en lijm) op je lijf voor je hartslag en je wordt in een harnas gehangen zodat je niet aan de andere kant van de kamer eindigt wanneer die loopband toch net iets sneller gaat dan jouw benen. En dan: lopen! Je begint op een easy tempo en elke minuut ga je een halve kilometer per uur sneller. Tot je echt niet meer kan. Bij mij startte het op 12 km per uur en toen de snelheid naar 17,5 km per uur zou gaan, hield ik het voor gezien.

Grafiekjes enzo
Tijdens deze run verschijnen er allemaal mooie grafiekjes en de sportarts kan je meteen vertellen welke resultaten je hebt gehaald. Sommige gegevens moeten gematcht worden met bijvoorbeeld je gewicht en lengte en dan is de grote meting écht compleet. En wat je daar dan mee doet? Dat mag je lekker zelf weten! Voor mij was dus vooral de maximale hartslag en de bijbehorende trainingszones interessant. Daar kan ik eventueel mijn trainingen op aanpassen. ‘Kan eventueel’ omdat ik niet iemand ben die altijd strak op hartslag wil trainen. Maar soms wel goed, leuk en interessant!

Ik ben wel benieuwd wat mijn resultaten zouden zijn als ik in bloedvorm was geweest. Wie weet sta ik over een jaar dus wel weer op die loopband. Voor nu kan ik verder met deze resultaten. Toch maar eens wat meer doen met die trainingszones enzo…

2 Responses

  1. Ilse

    Mooi zo’n test! En natuurlijk ook niet onbelangrijk te weten dat er niks mis is met je gezondheid. Ik zou hem ook graag een x doen; heb mezelf voorgenomen wanneer ik voor een marathon ga trainen. Voor wat extra trainingshandvattrm maar zeker ook om te weten of mijn hart het net zo’n goed idee vindt als ik.

    1. Mirte
      Mirte

      Klopt, toch ook wel fijn om te weten dat alles echt goed zit! En voor een marathon zeker ook wel handig om je trainingszones te bepalen. Doen dus!

Leave a Reply